weiss april63

logoZe benaderde mij omdat ze in verband met mijn boek over Zaandam-zuid graag herinneringen wilde ophalen aan de tijd dat zij in de Jan Eijdenbergstraat woonde. Maar uiteindelijk praatten Heleen van Waarden en ik voornamelijk over haar vader, geschiedenisleraar Piet Weiss. Een portret, ter gelegenheid van de komende reünie van het Blaise Pascal College.

Heleen van Waarden-Weiss woonde als meisje aan de rand van de Uithoek, de Zaandamse buurt waar ik een boek over schrijf. Voor wie in de Jan Eijdenbergstraat woonde, was de sigarenwinkel van ‘Reppie’ aan de Meidoornstraat wat te ver. Heleens vader haalde zijn sigaretten bij Bouk Schellingerhout aan de Zuiddijk, vlak bij de Burcht; zijzelf herinnert zich de Rizla-vloeitjes met plaatjes erin die ze daar kocht.

heleenvwaardenweiss
 

Toch rijd ik naar Krommenie, waar Heleen al inds haar trouwen woont, om haar jeugdherinneringen te horen. Ik ben altijd geïnteresseerd in verhalen over Zaandam-zuid. Maar bovendien ben ik nieuwsgierig naar haar vader, Piet Weiss. Twee keer was hij mijn leraar: eerst op de christelijke Groen van Prinsterer-mulo, en een paar jaar later op de Christelijke hbs. Het waren alle twee minder gelukkige schooljaren, maar dat lag niet aan ‘meneer Weiss’.
Ik herinner me Piet Weiss als een aardige man, die goed kon vertellen. Zijn typische, steil achterovergekamde haar, met middenscheiding, is me bijgebleven. Ik denk dat ik op de mulo van hem Duits kreeg. Heleen kan me daar geen uitsluitsel over verschaffen: “Mijn vader had zoveel akten, hij gaf allerlei vakken.” Ik zat een beetje tegen heug en meug op de mulo; pas een jaar later zou ik slagen voor het toelatingsexamen van het Zaanlands Lyceum.
Toen mijn schoolcarrière aan het lyceum beëindigd was wegens gebrek aan succes, gaf mijn vader me een ‘laatste kans’ en mocht ik het proberen aan de Christelijke hbs, destijds (1964) gevestigd in een reeks sfeerloze noodlokalen achter de Parkstraat. Daar kwam ik Piet Weiss, die inmiddels zijn MO-B-akte geschiedenis had gehaald en bevoegd leraar was geworden, weer tegen.

Toch niet gek voor iemand die zijn loopbaan was begonnen als schoolmeester. Eerst in Rotterdam, daarna, vanwege de huisvesting, aan een lagere school in het zeer orthodoxchristelijke vissersplaatsje Katwijk.

“Hij vond het helemaal niet leuk in Katwijk”, vertelt Heleen me. Piet Weiss was niet zo op dat starre in het geloof. Hij had al moeilijkheden genoeg gehad thuis in Rotterdam, toen hij als hervormde jongen verkering kreeg met een gereformeerd meisje. In 1947, toen ze trouwden, sliepen twee geloven bij voorkeur niet op één kussen. Ter wille van de lieve vrede maakte zijn aanstaande bruid de overgang naar de kerk van haar man.

 

fam weiss 1970

Piet Weiss was dan ook heel blij dat hij in 1955 Katwijk kon verlaten en onderwijzer worden aan de christelijke mulo in Zaandam. Bij zo’n baan hoorde in die tijd ook een woning, in dit geval een huis aan het Prins Hendrikplantsoen van de christelijke woningbouwvereniging Patrimonium. Heleen (geboren in 1949) kon er met haar jongere zusje Suzan (1951) heerlijk tollen en touwtjespringen op de grote stoep, maar voor haar moeder was de woning bepaald ongemakkelijk. De huizen waren in een hoefijzervorm neergezet. “Er was geen kamer recht, in de gang zat een bocht. Heel onhandig in te richten.”

In 1960 solliciteerde Piet Weiss met succes naar een leraarsfunctie aan de gloednieuwe Christelijke hbs. Heleen ging in 1961, na de Koningin Julianaschool aan de Jonge Arnoldusstraatschool, naar de Christelijke hbs. Dat haar vader daar sinds een jaar leraar was, vond ze niet zo’n probleem, maar haar vriendinnetjes wilden liever niet bij haar thuis komen. Voor een verjaardag kwamen ze uiteindelijk wel, nadat haar vader had beloofd dat hij er niet bij zou zijn. “Natuurlijk kwam hij er toch bij zitten het laatste halfuur, en dat vond niemand een probleem.”

eijdenbergstraat

In 1964 was het gezin Weiss verhuisd naar een ruime, moderne flat aan de Jan Eijdenbergstraat. Bijkomend voordeel: aan de overkant, aan de Coniferenstraat en de Sparrestraat, waren winkels. “Er was ook een Nutsspaarbank. De beheerder daarvan, meneer Schoen, woonde boven de bank. Hij ging op zondag met zijn gezin naar de gereformeerde Zuiderkerk; wij gingen naar de hervormde Paaskerk. Verder had je daar bakker Scholten, een groenteman, ik weet z’n naam niet meer; slagerij Eimers, kapper Kaper, en de kruidenierswinkel van Wagenaar. Wagenaar woonde boven de winkel, hij had twee dochters, Alie en Anneke. Alie hielp in de winkel.” Heleen moet lachen als ik haar de anekdote vertel over de vriendschap van mijn vader met Wagenaar, een broeder van de kerk, en hoe die eindigde in een vete toen zij elkaars concurrenten werden.

Ook deze huizen in dit nieuwe stukje Zaandam waren van Patrimonium. Geen wonder dat hier een aantal collega’s van Piet Weiss woonde. In hetzelfde rijtje als Weiss woonden Krijnders, de leraar Engels, en aardrijkskundeleraar Chris de Loor. “Bij De Loor heb ik wel op de kinderen gepast.” De directeur van de hbs, dr. Visser, woonde aan de overkant, in de Coniferenstraat. “Visser woonde in net zo’n huis als wij, ook een benedenflat.”
Aan schooldirecteur Visser bewaren we geen van beiden warme herinneringen. Hij stuurde mij de klas uit met het bevel mijn Beatle-kapsel te laten millimeteren. “Al op mijn allereerste dag op de christelijke hbs kwam hij naar me toe om me te vertellen dat ik een luie donder was”, vertel ik Heleen. Zij weet nog dat Visser af en toe inviel als er een leraar ziek was. “Dat vonden wij vreselijk.”

chrihbsklas1 1961Piet Weiss is een van de vele leraren geweest bij wie ik in de schoolbanken heb gezeten. Van vrijwel geen van hen weet ik iets van hun persoonlijk leven, laat staan van hun persoonlijk verdriet. Had ik anders tegen Weiss aangekeken als ik had geweten dat hij aan het einde van de oorlog noodgedwongen meer dan een jaar in een fabriek bij Berlijn heeft gewerkt? Hij was ondergedoken in Limburg om aan tewerkstelling in Duitsland te ontkomen, maar werd in 1944 opgepakt en naar Duitsland gestuurd. Tot het einde van de oorlog heeft hij daar moeten werken in een metaalfabriek in Sachsenhausen, terwijl de geallieerden Berlijn, vijftig kilometer verderop, vrijwel permanent met bommen bestookten.

Lopend ging hij terug naar Rotterdam, meer dan zevenhonderd kilometer. Over zijn ervaringen sprak hij nadien nooit


Piet Weiss overleefde het. Hij maakte de bevrijding door de Russen mee. Daarna ging hij terug naar Rotterdam, naar huis. Een afstand van meer dan zevenhonderd kilometer. Lopend, af en toe een stukje meerijdend op een spaarzame vrachtauto. Misschien slapend langs de weg of overnachtend in boerderijen, waarvan vele de sporen van de oorlog droegen; van de reis weet Heleen zo goed als niets – over zijn ervaringen sprak hij nooit. Pas in juli 1945 konden zijn ouders hem weer in de armen sluiten. Zij voeten zaten onder de zweren.

Maar zijn grootste verdriet zou nog komen, meer dan dertig jaar later. In 1976 kwam zijn jongste dochter Suzan, nota bene op weg naar het feest ter gelegenheid van zijn vijfenvijftigste verjaardag, om het leven bij een auto-ongeluk in de Flevopolder. Piet en zijn vrouw Miek zijn de slag nooit meer te boven gekomen. Hij werd een andere man. Stiller, meer teruggetrokken. Net zomin als over zijn tijd in Sachsenhausen werd er naderhand gepraat over het gemis.

Toen hij in 1983, 62 jaar oud, een hersenbloeding kreeg, besloot hij vervroegd pensioen aan te vragen. In zijn laatste jaren kon hij genieten van zijn hobby’s (muziek, literatuur, reizen) en van de kleinkinderen. Tien jaar later, 73 jaar oud, overleed hij, tijdens een vakantie in Duitsland.
Heleen herinnert zich haar vader als een lieve en bescheiden man, die veel van zijn vak hield. Geschiedenis was zijn grote passie. Maar over zijn eigen geschiedenis, daarover zweeg hij.

Uit het fotoalbum van Heleen Weiss: haar vader op de Groen van Prinsterer-mulo

mulo58 Het lerarenkorps anno 1958. 
mulo59 Het lerarenkorps in 1959. 
muloklas59 Leraar Piet Weiss temidden van zijn klas, 1959. 

 

Reünie

Zaterdag 29 september vindt in het Blaise Pascal College in Zaandam een reünie plaats van deze school. In 1967 werd de naam ‘Christelijke hbs’ veranderd in ‘Reformatorisch College Blaise Pascal’. Meer informatie op de speciale website.

Freek de Jonge

freek de jongeFreek de Jonge over ‘meneer Weiss’ >> 

  • Jelte Rozema

    Wat een prachtig verhaal, Martin en Heleen! Dank ook voor de foto's.
    Meneer Weiss was een fijne leraar op de Chr HBS aan de Parkstraat.
    Dat hij voor de Arbeitseinsatz in Duitsland heeft moeten werken wisten we niet. Afkijken was er bij een repetitie niet bij, de omhoog gehouden kaft van de geschiedenisatlas maakte spieken bij je buurman of buurvrouw onmogelijk. Ik dacht trouwens dat de zus van Heleen, die later bij een auto ongeluk omkwam, Nel Weiss heette. Zij speelde bij paaswijdingen in de Paaskerk blokfluit. Op zaterdagmiddag ging meneer Weiss met een cultureel clubje op museumbezoek. Bijvoorbeeld naar Ons lieve Heer op solder.

    Short URL:
  • Klaas Wester

    Hallo Martin,
    bedankt. Wederom een mooi verhaal over 1 onzer leraren. Elke leerling zal jouw mening over mr Weiss delen.Jelte schrijft van de geschiedenisatlas als barrière. De mooie atlas met rode kaft kon ook dienst doen als spiekmiddel. Veel verdekt gekrabbel vind je in mijn exemplaar terug en mr Weiss bleef toch achter z'n tafeltje zitten met zijn onafscheidelijke sigaret. Op 1 vraag had ik destijds geen antwoord. 'Wat betekent in Morpheus armen liggen?' 'Wat zegt u meneer?' Weiss: 'Pitti ' Geen idee wat hij bedoelde en ik had niet moed de vraag nog eens te stellen. Zijn passie en meeleven met Israël stak hij ook niet onder stoelen of banken. De dag dat Israël in 1967 Egypte binnen viel, hadden we les van mr Weiss en nogal aangeslagen uitte hij zijn bezorgdheid bij binnenkomst. In de Parkstraat tijd hadden we ook les in de Ooievaarstraat. Tijdens een les van mr Weiss ontplofte een verwarmingsketel in het ketelhuis. Kordaat leidde hij allen naar buiten. Een goed mens.

    Short URL:
  • Tine Koene

    Hei Martin, met veel plezier je verhaal gelezen. Ik heb hele fijne herinneringen aan de familie Weiss. De klap van het overlijden van Suzan, die op de hbs nog Nel werd genoemd, kwam hard aan. Niet alleen bij de familie maar ook bij vrienden en vriendinnen. Ik was in die tijd nog bevriend met Nel. In de hbs-tijd gingen ze in de zomer altijd een paar weken naar Katwijk toe. Daar heb ik nog foto's van. Later zong ik in hetzelfde koor waar het echtpaar Weiss zong. We hebben nog wel wat contact gehad na het ongeval, maar dat verwaterde toch. Nel was onze missing link. Dank voor je mooie verhaal.

    Short URL:
  • Heleen

    Wat een mooie reacties op het verhaal!
    Ja, de "culturele club" ik ben zelf ook nog wel meegeweest,
    En ja, Tine, die foto's heb ik ook!

    Short URL:
  • Maarten-Jan Dongelmans

    Mooi verhaal Martin. Mijn vader heeft een jaar of twee na zijn krijgsgevangenschap ook gedwongen in Duitsland gewerkt, in het Taunusgebergte bij Frankfurt. Hij vluchtte echter en is terug naar Nederland komen lopen. Ook hij zweeg als het graf over die tocht naar huis.

    Short URL:

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0 / 1000 Beperking van tekens
Je tekst moet minder dan 1000 tekens bevatten
Your comments are subject to administrator's moderation.

Copyright © 2015-2018 Martin Rep | Bussum | Contact