cpn-bordenDe verkiezingen in de jaren zestig waren nauwelijks te vergelijken met de verkiezingen nu. De machtsblokken in die tijd waren duidelijk: Oost tegen West, kapitalisten tegen communisten. De tijd van de Cuba-crisis, de moord op Kennedy en, dichter bij huis, van Anne Vondeling, Marcus Bakker,  Jan de Quay en Barend Biesheuvel. Tijdens de woelige Tweede-Kamerverkiezingen van 1963 werden Rob en ik opgepakt door felle aanhangers van de communistische partij.

heit-fietsend

We hebben ons goed in de nesten gewerkt.

Hier zitten we, mijn vriend Rob Berghege en ik, opgesloten in een kamer van het politiebureau.

Dit is de plek waar mijn opa ooit heeft gewerkt. Hier heeft hij zijn sabel opgepakt als hij zijn ronde door de stad moest doen. Hier heeft hij zijn glimmende laarzen aangetrokken, zijn politiepet opgezet. Voor de spiegel heeft hij nog even gecontroleerd of zijn uniform onberispelijk zit en of hij er martiaal genoeg uitziet. Hij heeft zichzelf goedkeurend opgenomen, tevreden over het gezag dat hij uitstraalt. De strenge blik van mijn opa was voldoende om de rust te laten wederkeren in een café waar vechtersbazen elkaar te lijf wilden gaan.

Ik heb die opa nooit gekend. Ik ken hem alleen uit de verhalen. En van de foto waarop hij, op zijn dienstfiets, door de Westzijde in Zaandam rijdt. De sabel hangt aan het stuur en kan binnen enkele seconden gereed zijn om er met de platte kant een corrigerende klap mee te geven.

heit-vinkenstraatEn hier zit ik, zijn kleinzoon die vijf jaar na zijn dood is geboren. Wat zou mijn opa wel zeggen als hij mij hier zou zien, in het gebouw waar hij bijna 25 jaar lang heeft gewerkt?

Opgepakt waren we. Min of meer op heterdaad betrapt. Gearresteerd door burgers en opgebracht naar het bureau aan de Vinkenstraat. Wegens een politieke actie of een ander misdrijf.

epericolososporgersiHet jaar is 1963, de dag zaterdag 20 april. Ik ben net zeventien geworden, Rob is nog net zestien. We zijn nogal kwajongens. Vanavond zijn we souvenirjagers. Eigenlijk wilden we zo’n bordje uit een internationale trein met ‘è pericoloso sporgersi’ en ‘nicht hinauslehnen’. Maar die wisten we niet te vinden. We besloten een straatnaambord te stelen om die thuis op een mooie plek op te hangen. We kozen een bord op een stille plek, waar weinig kans was dat we tijdens ons dievenwerk betrapt zouden worden. Bovendien moest het niet al te vast zitten, en dat was het geval bij een houten hoekhuisje aan het Sluispad, tegenover het beruchte Hanepad. Ik ging op Robs bagagedrager staan, het klusje was in een paar minuten geklaard.

Welke smoes ik thuis heb opgehangen om de aanwezigheid van het bord te verklaren, weet ik niet meer. Het moet nogal nadrukkelijk aanwezig zijn geweest op mijn kamer. Zeker is dat ik het een tijdje heb verborgen in een kast en uiteindelijk aan Rob heb overgedragen.

Deze avond zijn de verkiezingsborden die de CPN, de Communistische Partij van Nederland, op veel plaatsen in Zaandam had neergezet, ons doelwit. De CPN is geen machtsfactor in de Nederlandse politiek, maar wel altijd nadrukkelijk aanwezig met stakingen en acties. In de jaren vijftig hadden zij liefst zeven zetels in de Tweede Kamer, maar als gevolg van de Russische inval in Hongarije – en acties van de BVD – is de aanhang inmiddels geslonken tot een stuk of drie Kamerzetels.

In het ‘rode bolwerk’ Zaandam liggen de verhoudingen anders. De CPN is een grote partij in de gemeenteraad en levert zelfs wethouders, zoals Marcus Plooijer en Gerrit Schoen.

De CPN-verkiezingsborden vallen op. Ze zijn opgezet als ANWB-wegwijzers, ongetwijfeld om de nieuwe richting aan te geven die het Nederlandse volk zou moeten gaan.  Echt nieuwe wegen zijn dat trouwens niet; het zijn de bekende communistische mantra’s ‘lonen omhoog, bewapening omlaag’, naast de oproep ‘Kiest De Groot, CPN lijst 6’.

Het lijkt ons stoer zo’n bord op onze kamer te hebben. In de propagandaoorlog die in de jaren zestig tegen de communisten werd gevierd, zouden onze ouders ook vast geen bezwaar hebben tegen zo’n jachttrofee.

Rob fietst, ik zit achterop als we in het duister van de avond onze strooptocht beginnen. Het eerste bord, in de Jonge Arnoldusstraat, is een makkie. Een beetje sjorren. Een rondje om fietsen als er mensen aan komen. Daarna opnieuw sjorren, en krak zegt het triplex.

Als hazen gaan we ervandoor. Niemand heeft iets gemerkt. We verstoppen het bord in de achtertuin van de familie Berghege. One down, one to go. “Nu ik nog”, zeg ik.

We vinden een andere CPN-wegwijzer op een rustige plaats. We wachten tot de kust veilig is. Ik trek, het bord kraakt en laat los.

Dan gaat het fout.

Uit mijn dagboek, maandag 22 april 1963:

‘Ik spring bij Rob achterop en we rijden weg. Op hetzelfde moment zie ik het licht  van een bromfiets […] naderen. “Doorrijden”, sis ik. Rob racet. […] Het licht volgt ons. Dan een schreeuw van de bromfiets: “Politie!” Ik denk aan een grap, maar dan snijdt de bromfiets ons af. De duopassagier springt op mijn nek, grijpt het bord uit m’n vingers en schreeuwt als een idioot. Ik schrik. Een moment denk ik dat de kerel me dood zal slaan. Hij zwaait met het bord en dreigt me de tanden uit de bek te slaan. “Rustig”, zegt de bestuurder. “Naar de Vinkenstraat”, hijgt de man, die naar ik begrijp en blijkt uit zijn opmerkingen een vurig lid van de Partij is. Hij houdt me vast bij de kraag en neemt me mee.’

De twee CPN’ers leveren ons af op de ‘Vinkenstraat’, Zaandams jargon voor het politiebureau. Een agent achter een hekje vraagt naar ons motief.

De ZaanlanderIk moet in een wachtlokaal plaatsnemen. Even later wordt Rob naast me neergezet, we praten fluisterend wat. Dan word ik naar een kleiner kamertje gebracht. Door de glazen deur kan ik zien dat de man die mij heeft opgebracht een verklaring aflegt.

Een agent komt binnen en noteert mijn naam en geboortedatum.

“Kunnen we dit maandag niet afhandelen”, vraag ik, “het wordt anders zo laat.”

De agent kijkt op zijn horloge en schudt het hoofd. “Nee”, zegt hij. Het is kwart voor elf; nog maar een uur geleden verlieten Rob en ik het huis voor onze strooptocht. “Met een halfuur ben je hier niet klaar hoor”, vervolgt de politieman. Hij laat me weer alleen. Ik steek een sigaret op. Een asbak is er niet, ik maak hem ten slotte uit in mijn aansteker.

Na een tijdje komt een man binnen. Het is meneer Rintjema, een broeder van de kerk die ik wel ken. Hij spreekt met een Friese tongval; net als mijn opa, die ruim twintig jaar geleden afscheid heeft genomen in ditzelfde wachtlokaal.

“Hij sjouwt een typemachine met zich mee. Het verhoor begint. Ik vertel hem maar alles. Ik teken mijn verklaring en mag weer in het wachtlokaal.”

Nu verdwijnt Rob naar het kamertje. Inmiddels zit er ook een andere jongen in het wachtlokaal. We grinniken naar elkaar als lotgenoten. Uit gesprekken die ik eerder heb opgevangen, heb ik begrepen dat deze knaap, die Johan de Vries blijkt te heten, door de politie is gesnapt wegens hetzelfde vergrijp tijdens een ronde door de stad met de twee communisten. In een hoek van het wachtlokaal ligt onze gezamenlijke buit: een stuk of zes CPN-verkiezingsborden.

De TyphoonSamen met Rob wacht ik nu op de dingen die gebeuren gaan. De agenten in het lokaal tillen blijkbaar niet zo zwaar aan ons misdrijf, ze maken er grapjes over. Pas om half twee komt Rintjema weer binnen. We mogen gaan, zegt hij. 

Rob wordt thuis afgezet. Rintjema praat een tijdje met broeder Berghege. Bij mij thuis is alles al donker. “Ik kom er wel in”, zeg ik.

Dat moet via een openstaand raampje, een sleutel heb ik niet bij me. De volgende dag biecht ik mijn vader op wat we die nacht hebben uitgespookt.

Een paar maanden later ploft een dagvaarding op de deurmat. Niet van het Kantongerecht in Zaandam, maar van de rechtbank in Haarlem. Ons vergrijp is te ernstig voor de lokale kadi: we worden beschuldigd van diefstal. Dinsdag 13 augustus rijdt mijn vader ons erheen.

Het is een besloten zitting. De rechtszaal hoeven we niet in. We nemen zitting in het kantoor van een officier van justitie. Hij kijkt ons streng aan en zegt dat we dit niet meer moeten doen.

Dat beloven we.

Uitslag van de Tweede-Kamerverkiezingen 1963 

PartijStemmenPercentageZetels
KVP 1.995.352 31,8 50
PvdA 1.753.084 28,0 43
VVD 643.839 10,2 16
ARP 545.836 8,7 13
CHU 536.801 8,5 13
PSP 189.373 3,0 4
CPN 173.325 2,7 4
SGP 143.818 2,2 3
Boerenpartij 133.231 2,1 3
GPV 46.324 0,7 1

(Bron: Wikipedia)

Reacties (12)

Laad vorige reacties
  • Ineke

    Ha Martin,
    Dit voorval herinner ik me nog wel. Mooie foto van broer Rob.
    Op zijn zolderkamer hingen nog wel wat bordjes her en der. "Niet uit het raam wateren" bv boven het kleine dakraampje. Lieverdjes waren jullie niet. ;)

    Short URL:
  • Theo Jongedijk

    De ervaring van Martin om als verdachte op het politiebureau te belanden, nota bene daar waar zijn opa dienst had gedaan, zal hebben bijgedragen aan de vorming tot het rechtschapen mens dat hij is geworden. Dit oordeel baseer ik op eigen ervaring. Dat betrof geen jeugdzonde. Sterker nog, als eerbiedwaardig lid van de maatschappij – voor zover je dat bent als journalist – lokte ik de aanhouding uit.
    In mijn boek ‘Onthullingen van een nieuwsjager’ staat het verslag. Hier volsta ik met een samenvatting. Een relatie bracht uit de Verenigde Staten vellen dollars mee, ieder van 48 stuks. De Nederlandsche Bank checkte de echtheid. Legde tevens vast dat de dollars zelf mochten worden uitgeknipt.
    Het personeel in het Amsterdamse hotel waar wij dit deden, alarmeerde uit argwaan de politie. De handboeien sloten zich om mijn polsen onder verdenking van valsemunterij. Reportage geslaagd. Net als bij Martin geen vervolging. Het geld was immers echt. Sinds ik weet hoe het voelt om arrestant te zijn, sta ik nog steviger op het rechte pad.
    Foto: mijn arrestatie wegens valsemunterij bij het Marriott hotel in Amsterdam.
    http://www.martinrep.nl/images/headers/various/theofraud.JPG

    Short URL:
  • Hoi Martin,
    Ja dat was een mooi bord, en van mij - dochter van Marcus Bakker - had je het mogen houden.
    Maar nu over iets anders: mijn oom Dries, voluit Andries Homma, die destijds op nummer 34 van de de Pieter Latensteinstraat woonde. Toen ik die foto van de Jonge Arnoldusstraat zag moest ik meteen weer aan hem denken. Hij was een held van mij: fabrieksarbeider (bij de Norit, dus met altijd zwarte handen) en ook poëet en een van de meest roekeloze en geestige mensen die ik ooit ontmoet heb. Op zijn schutting had hij met witte verf de regels van Marsman gekalkt:
    Schuimende morgen
    en mijn vuren lach
    drinkt uit ontzaggelijke schalen
    van lucht en aarde
    den opalen dag
    Ik zie ze nog voor me, die grote witte hanenpoten op de groene schutting. Prachtig.

    Short URL:
  • Wat een schitterende aanvulling, Marisca, en wat een schitterend gedicht. Waren dat soort arbeiders er nog maar… Prachtig!

    Short URL:
  • Wessel Burger

    Martin,

    Wat een kwajongensachtige periode in je leven. Zo durfde ik in die tijd niet in de samenleving te staan. We hoorden wel van deze kleurrijke figuren maar dan alleen van horen zeggen. Zo'n samenleving was er bij ons in Blokzijl niet. Je beleefde heel wat en het heeft je gevormd tot de "bedaardere?" wereld van deze tijd. Je kunt tenminste terugkijken op een levendige en avontuurlijke jeugd. Kostelijk kun je dat vertellen vanuit je geheugen.

    Short URL:
  • kes homma

    Marisca,
    wat een leuke woorden over mijn vader. Dank je wel
    gr. Kees Homma

    Short URL:
  • Marisca Milikowski

    Hoi Kees,
    Ja, je vader heeft veel voor mij betekend, en ik vind het leuk om je te treffen via Martin z'n website.
    Marisca

    Short URL:
  • Guda Rouw

    Hallo Marisca, leuk om via Martin jouw berichtje over mijn vader te lezen. Het gedicht heb ik zo'n veertig jaar geleden op de muur van ons huis geschreven.En is nog steeds duidelijk te lezen. Ook ik was daarvan onder de indruk. Geweldige jeugd gehad en ontzettend veel geleerd van en gelachen met mijn vader. We hadden ook de tijd mee!!!!! Groetjes, Guda

    Short URL:
  • Kees Bakker

    Marcus Plooijer was geen CPN-wethouder. Hij was lid van de PvdA.

    Short URL:
  • Er waren twee Marcus Plooijers, vader en zoon. De oude Marcus Plooijer was een PvdA-er. Hij werd na de oorlog wethouder en is dat lang gebleven. De jonge Marcus Plooijer heeft lang in de gemeenteraad gezeten voor de CPN.

    Short URL:

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0 / 1000 Beperking van tekens
Je tekst moet minder dan 1000 tekens bevatten
Your comments are subject to administrator's moderation.

Copyright © 2015-2017 Martin Rep | Bussum | Contact