tinusrep1

Vorig jaar lanceerde ik het Reppiaans Woordenboek, met termen en uitdrukkingen van mijn vader Tinus Rep. Het   zou uitgroeien tot een van de meest gelezen artikelen op mijn website. Deze nieuwe versie bevat zowel de bestaande als de nieuwe lemma's, uit beide versies.

Vorig jaar lanceerde ik het Reppiaans Woordenboek, met termen en uitdrukkingen van mijn vader Tinus Rep. Het   zou uitgroeien tot het meest gelezen artikel op mijn website. Dit jaar publiceerde ik een aanvulling hierop. Deze geheel vernieuwde versie bevat zowel de bestaande als de nieuwe lemma's, uit beide versies. De woordenlijst wordt voortdurend aangevuld.


affie! heel nette uitroep van afkeuring, sterke klemtoon op de laatste lettergreep. Iemand die iets stouts had gedaan: “Affie!” Wellicht verwant aan termen als foei, enfin of fi donc?

amper woord dat volgens Tinus niet bestond. Zie ook trappie. Vgl ge-eten

aussig zie oussig

bollig Naast de bestaande betekenissen betekent dit woord in het Reppiaans ‘niet vers’. "De koekjes uit die trommel zijn niet lekker meer, ze smaken bollig.” De associatie met oudbollig ligt voor de hand. Een persoon kan ook wel bollig zijn: “Ze droeg echt van die bollige kleren uit het jaar nul.” Het woord kwam in het Reppiaans via de familie Mantel, de familie van mijn echtgenote.  

borstig hoesterig. Het begin van een verkoudheid. Als de adem van de aangesprokene er wat piepend uitkomt of als deze hoest: “Wat benne je borstig!”

dankbaar vrome kwalificatie van Tinus, een van de meest positieve die hij kon geven: “Dankbaar jongen.” Tinus’ lievelingsgezang was niet voor niets 'k Wil U, o God, mijn dank betalen.' 

draad zie verwegen

draadje draadomroep, Radiodistributie. Zie: nieuwsberichten

bioschoop hypercorrectie voor bioscoop. Veel Zaankanters spreken de sch-klank uit als sk: skuit, beskuit Wie 'netjes' wilde praten, corrigeerde dat. Tinus behoorde tot de grote groep aan de Zaan die deze hypercorrectie ook toepaste in een woord als bioscoop, waar de sk-klank wel vereist is.
Tinus kwam, zeker gezien zijn gereformeerde achtergrond, relatief vaak in de bioschoop. Als nieuwe kleren werden gekocht bij C&A of Lampe in Amsterdam, werd aansluitend vaak een film bekeken in de Cineac of een andere bioschoop

bipsbips achterwerk. Termen als 'kont' of sterker werden nimmer gebruikt. Zie ook bolie, staartje.

bolie poep. "Moet je een bolie drukken?'' Zie ook staartje. 

borst zielig persoon, die meewarigheid oproept. “Kijk nou ’ns, die arme borst.” 

* cnavia cavia, ook wel Guinees biggetje. Ik ben zelf de Urheber van dit woord, een samentrekking van de naam van de soort, cavia, met de naam van de orde, knaagdieren. Zelf heb ik nooit een ~ gehad; ik had in mijn vlegeljaren wel enkele goudhamsters die mij ’s nachts uit de slaap hielden door in een molentje rond te rennen, uit te breken en op voedseljacht te gaan in de winkel van mijn vader. 

cnavia (cavia porcellus)

Voor de kinderen hebben wij naderhand wel een paar cnavia’s gekocht. De dieren zijn evenmin een aanrader: ze zijn angstig en hebben korte pootjes zodat zij de val van een tafel niet licht overleven.     

dampig zie heiig

directrice (van een bejaardenhuis) iemand die zich erg bazig gedraagt. “Ze komt daar binnenstappen alsof ze de directrice is.” Ook kleine meisjes kunnen een ~ zijn: “De directrice weet al precies waar de koekjestrommel staat.” Bij het gebruik i.v.m. een kind kan de uitdrukking een positieve lading hebben. Uitdrukking uit de familie Mantel afkomstig. Zie ook: oud bestel. 

drukken poepen: een bolie drukken. Zie ook staartje.

Engelse sleutel bahco. Met een echte Engelse sleutel had dit Reppiaanse woord niets te maken. Tinus, zelf geen ambachtsman, mocht graag vaktermen van de timmerman gebruiken, maar aangezien het hem aan echte vakkennis ontbrak, had hij er een aantal zelf verzonnen die in de loop der jaren geaccepteerde woorden werden. Zie ook konetang

reppiaans-boerenkooletig zeer voedzaam, zwaar op de maag liggend. Voedsel dat je niet makkelijk naar binnenschoof, was etig. Kenmerk van etig is dat je er tijdens het eten zeer vol van raakt en dus eigenlijk minder van eet dan je zou willen.

figuleren [ergens op] speculeren. "Hij figuleert er natuurlijk op dat ie met jou kan meerijden." Vaak - maar niet altijd - in wat ongunstige context: ergens van, van iemand profiteren. Zie ook: uitlachen.

fotsiefots, fotsie peuk, meestal van een sigaret. “Even m'n fots pakken.” Tinus draaide sigaretten van zware Van Nelle-shag, meestal met Mascotte-vloe. De sigaretten die hij draaide, liepen taps toe. Het uiteinde dat in brand werd gestoken, was erg los. Als het werd aangestoken, vlogen de brandende stukjes vloe door de lucht; Tinus sloeg er met de hand naar. Het deel dat op de lip ging, was erg dun en werd tijdens het roken tamelijk vochtig. Later gebruikte Tinus apparaatjes om sigaretten mee te rollen, zodat hij altijd een voorraadje bij de hand had. Tot op zijn sterfbed heeft hij gerookt. Tinus hield een fots meestal in de holte van zijn hand.
Een fots was meestal niet van toepassing op een sigaar. Een sigarepeuk werd altijd zorgvuldig bewaard. De sigaar die op zondagochtend voor de wandeling naar de Zuiderkerk werd opgestoken en bij de aanvang der dienst pas halverwege was, werd in de voeg van een kozijn in de garderobe gelegd. Na de dienst stak Tinus hem weer aan. Tot zijn favoriete sigaren behoorde Ritmeester Riant (à 22 cent).

ge-eten gegeten. Tinus' redenering was duidelijk: het werkwoord is 'eten' en niet 'geten' , dus als er ge- voor kwam, werd het geëten. "Heb je al geëten, knecht?"

hartstikke grof woord dat niet gebruikt diende te worden. 'Heel erg' had de voorkeur van Tinus.

heiig lichte mist, die het moeilijk maakt in de verte te kijken. Heiig kan wel uitlopen in echte mist: “Het begint al puur heiig te worre.” Met Zaans gevoel voor understatement betekent dit dat je geen hand voor ogen meer ziet. Ook: dampig.  

holligheid trek, honger. Deze term is waarschijnlijk in de familie gekomen dankzij Tinus’ schoondochter Ria van der Hoeden, getrouwd met mijn broer Jelte. “Hebbe je holligheid, knecht? Je lijke wel te rammelen.” Van honger mochten wij trouwens niet spreken van Tinus: alleen zij die de hongerwinter hadden meegemaakt, zoals hij, wisten wat honger was. Wij hadden trek.

honger ongepaste term voor trek. Zie: holligheid 

hufterig rillerig, koud. “Jongen, wat sta je te rillen.” “Ja, ik voel me ook een beetje hufterig.” Waarna de aangesprokene nog eens diep in zijn duffelse kraag duikt en de handen in de zakken steekt. Hufterigheid kan het begin zijn van een paar dagen het ziekbed houden.

jo aanspreektitel van Aukje Rozema, Tinus’ schoonmoeder: ‘Is het niet waar, jo?’ Aukje (Opoe Rozema) zelf gebruikte ‘jo’ in plaats van het persoonlijk voornaamwoord jij. Via opoes pseudo-Fries in het Reppiaans terechtgekomen.

kasie
bolhoed1) zn: bolhoed. Tinus zou er ooit een hebben bezeten en gaf vaak hoog op van de deftigheid van dit kledingstuk, dat zich op dat vlak kon meten met het pinkelhoutje en het blauwe pak.
2) bn: prima, oké. "Dat is kasie,jongen": dat is kat-in- 't-bakkie, dat heb je goed voor mekaar. Des te opmerkelijker daar Tinus absoluut geen kaas lustte en zelfs beweerde van de lucht al onpasselijk te worden. 

klaf klam. Vochtige kleding kan klaf aanvoelen, maar benauwd weer kan ook klaffig zijn. Waarschijnlijk een samentrekking van klef en klam. Het woord stamt vermoedelijk uit de schoonfamilie van mijn broer Jelte, de Zaanse familie Van der Hoeden. “De was voelt nog klaf aan.”

klaver, op de ~ weer gezond. “Vorige week ging het helemaal niet goed met haar, maar ze is nu al weer aardig op de klaver.” Uitdrukking afkomstig uit de familie Mantel.

knecht, knechie. Goedmoedige familiaire aanspreektitel voor iemand die in de hiërarchie onder Tinus stond. "Geef die hamer eens, knecht." Knechie werd vooral liefkozend gebruikt, voor kinderen maar ook voor bijvoorbeeld huisdieren. 

konetangkonetang waterpomptang. Zie ook Engelse sleutel.

krikkie neer na het middageten ging mijn vader graag even een krikkie neer: een kort middagtukje doen. Des zondags, als de winkel gesloten was, liep hij dan naar boven, waar de slaapkamer was, onder het motto ‘effe de dakpannen tellen’. 

dirkmantel tuk

In de familie Mantel (van mijn echtgenote) was dan sprake van ‘even de ogen verschieten’. In het hedendaags modern taalgebruik spreekt men liever van een powernap of een siesta. Het komt allemaal op hetzelfde neer.

krokkelsneeuw heel dunne sneeuw, nauwelijks waarneembaar. Lange tijd dacht ik dat het bargoens was uit de familie van mijn echtgenote Dicky Mantel, maar op het internet is het woord toch wel te vinden. Ze stamt uit het West-Fries. “Sneeuwt het?” “Nauwelijks, het krokkelt alleen maar een beetje.” “Nou, het krokkelt wel puur hoor, het blijft al leggen.”

lamstraal het meest vergaande, en eigenlijk ook het enige, scheldwoord dat zowel Tinus als Meintje gebruikte. (Een enkele maal werden termen als kreng of klier gebezigd.) Zie ook schoftig.

morrie goedmoedige begroeting, afgeleid van 'goedemorgen'. Het woord werd alleen familiair gebruikt; tegenover een winkelklant zou het niet passend zijn geweest.

nee verkopen als een artikel niet voorradig was doordat het was uitverkocht of nooit in het assortiment had gezeten, dreigde Sigarenmagazijn Rep nee te moeten verkopen. Dat was het stomste wat een middenstander kon doen. De grote angst was dat de klant dan naar een concurrent liep en dáár klant zou worden. Er werd dan ook nóóit nee verkocht. Een artikel was altijd 'even uitverkocht' of 'even niet voorradig ', de klant werd geadviseerd diezelfde middag of uiterlijk morgen terug te komen. In de tussentijd zorgde Tinus dat hij het had, desnoods door het zelf bij de concurrent te kopen. 

reppiaans-meidoornstraat2Nieuwe Buurt het gedeelte van de Meidoornstraat ten oosten van de Wibautstraat. Toen de familie Rep zich vestigde aan de Meidoornstraat, deed de buurt de naam 'De Uithoek' alle eer aan. Afgezien van de P.J. Troelstralaan (Weerpad) was het blokje huizen waar Sigarenmagazijn Rep was gevestigd, zo'n beetje het uiterste puntje van Zaandam. De huizen 'voorbij de Wibautstraat' werden pas later gebouwd. Gezien de groeiplannen voor dit deel van de stad een verstandige plek voor een sigarenzaak.
De 'Nieuwe Buurt' - Meidoornstraat, Dennestraat, Cederstraat - bestond uit grijze huizen, waarin op het cement in de voorgevels moderne voorstellingen waren gemaakt van kippen en andere dieren.

reppiaans-schakelaarnieuwsberichten het ANP-nieuws. Vooral het nieuws van één uur werd altijd nauwgezet beluisterd, voor zover de middagpauze niet onderbroken werd door winkelklanten. Toen het aansluitende Katholiek Nieuws nog werd uitgezonden, volgde Tinus ook die berichten. Voor de ontvangst was het gezin Rep aangesloten op de Radiodistributie, de Draadomroep oftewel het draadje.
Er werd tussen de middag warm gegeten aan de Meidoornstraat, 'op één bil', omdat elk moment klanten konden binnenkomen. De winkel een halfuur sluiten was onbespreekbaar; de gedachte is waarschijnlijk zelfs nooit opgekomen.

nozelig onnozel. Woord uit de familie Mantel. “Hij stond een beetje nozelig te kijken.” “Doe niet zo nozelig.”

ondankbaar wie zijn eten liet staan of iets niet waardeerde, kon rekenen op Tinus' afkeurende kwalificatie ondankbaar. Een goed christenmens was altijd dankbaar voor alles wat hij of zij kreeg: het dagelijks brood, de goede opleiding. Zie ook dankbaar. 

ort onvolwassen iemand, vaak in neerbuigende zin gebruikt. Als Martin zijn eten niet lust of niet dankbaar is, is hij een verwende ort. Waarschijnlijk afgeleid van erwt, erwtje: onbeduidend voorwerp, dat nog veel moet groeien. 

oud bestel eigenwijs meisje dat alles beter weet of denkt te kunnen regelen dan de volwassenen. De uitdrukking wordt vaak met nauwelijks verholen bewondering gebruikt. Over een kleinkind van vijf jaar: “Dat oud bestel kwam binnenlopen en wilde meteen een andere foto op mijn iPad zetten.” Zie ook directrice.

oussig (aussig?) product dat muf smaakt doordat de houdbaarheidsdatum verstreken is. Tinus, een vreemd gezicht trekkend: “Die pindassies smaken een beetje oussig.” Maar weggooien vond hij zonder (zie: honger), dus at hij het schaaltje meestal alsnog leeg.

pindassies Tinus gebruikte dit woord graag in plaats van pinda’s. Zie ook: oussig.

pinkelhoutje strikje. Tinus vond het een erg net kledingstuk, maar droeg er niettemin zelf vrijwel nooit een; hij gebruikte stropdassen. 

pofklanten klanten die pas tegen hel einde van de week afrekenen. Tinus hield hel poffen nauwgezet bij in oude lange, smalle kasboeken. Poffen was zwak. In het algemeen liepen de schulden van zijn debiteuren niet tot grote hoogte op, toch was altijd voorzichtigheid geboden. Zie ook betalen; strop. 

pags

postkantoor! uitroep dat er klanten stonden te wachten om te worden geholpen voor het postagentschap. Het Postagentschap Meidoornstraat (met eigen poststempel) werd aangetrokken in de hoop dat daardoor zo veel mogelijk klanten de gang naar Sigarenmagazijn Rep zouden weten te vinden. Voor die tijd verkocht Tinus ook postzegels, maar daar werd een cent op de officiële prijs gedaan. Zie ook winkelbel! 

Provincialeweg Wibautstraat. Waarschijnlijk wegens de verbindingsfunctie met de rest van Zaandam, vergelijkbaar met die van de Provincialeweg in Koog waar Tinus vlakbij had gewoond, bleef hij deze straat lange tijd zo noemen.

psalmpie "Even een psalmpie lezen." Aan tafel werd weinig gericht in de Bijbel gelezen. Door de week was er vaak geen tijd voor (winkelbel! Postkantoor!), zodat de lezing uit de Schrift vaak achterwege bleef en ten slotte alleen op zondag nog plaatsvond. Thematisch werd ook niet gelezen. Een psalmpie was altijd makkelijk.
Ter gelegenheid van iemands verjaardag werd altijd de bijbehorende psalm gelezen, ook al was deze inhoudelijk in het geheel niet van toepassing. "Hoe oud ben je geworden? Vijftien? Psalm 15."

Reppen-kwaal Bepaalde ziektes werden, vooral door de oudere garde, en meestal ten onrechte, gerekend tot genetisch bepaalde ziektes van de familie Rep. Hardhorendheid en hernia worden tot de ‘Reppen-kwalen’ gerekend, met name door mijn oude neef Kees Stoorvogel, die zelf een hernia-operatie achter de rug had en over twee gehoordapparaten beschikte, zonder dat dit de conversatie vergemakkelijkte. 

rolarola de stoepgoot "Je moet knikkeren in de rola." De herkomst van het woord is niet duidelijk.

schoftig het laagste gedrag dat iemand kon vertonen; equivalent van: daar zijn eigenlijk geen woorden voor. Klanten die niet op tijd afrekenden of onbeleefd waren: schoftig.

snotjongen onvolwassen iemand die zich bemoeit met zaken die hem niet aangaan. Vgl. ook ort. Brutaal gedrag kon worden beschouwd als gedrag van een snotjongen.

snotverdorie basterdvloek die Tinus - en Meintje - zich permitteerden. ‘Snotverdomme’ daarentegen ging veel te ver, waarschijnlijk vanwege de lading van 'verdomme', dat immers een vloek van verdoemenis in zich houdt. 

staartje mannelijk geslachtsdeel. Woorden als 'pik' en 'piemel' waren absoluut niet bekend in het Reppiaans. Voor het vrouwelijk geslachtsdeel bestond überhaupt geen woord, het was volslagen onbekend. Zie ook: bolie, bips.

stikken "Ik mag stikken als ik het weet." Tinus’ geheugen liet hem nogal eens in de steek, vooral op latere leeftijd. Het wroeten in het verleden beviel hem sowieso niet erg.

stoken voor de buren raam of deur open laten staan terwijl de kachel brandt. Tinus was extreem zuinig met energie. Het liefst gebruikte hij de wc met de deur op een kier, zodat het licht niet aan hoefde. 

Blik met opdruk Rep Koek Gebakstrop fatale gebeurtenissen in de bedrijfsvoering. Tinus had nogal eens een strop, bv. door verkeerde inkopen: "Een reuzenstrop, jongen."

tegenbekken zie warsig.

trappie Tinus weigerde te geloven dat het correcte woord 'trappetje' zou kunnen zijn. 

uitlachen [iemand] laten zien wat je in je mars hebt. "Laat ze maar zeggen wat ze willen, als je je diploma hebt, lach je ze allemaal uit." In samenhang met figuleren: "Hij figuleert erop dat je dat voor niks doet en dan lacht ie je naderhand uit." 

zilveren gulden1vaste gulden voor de sigarettenautomaten waren zilveren guldens nodig. Veel klanten belden na sluitingstijd aan om vier kwartjes te wisselen, of (tot 1957) een vies bruin papiertje: een papieren gulden. Aan verkopen na sluitingstijd had Tinus een hekel, maar geld wisselen kon moeilijk geweigerd worden. Er waren ook vaste (zilveren) rijksdaalders als tegenhanger van de papieren rijksdaalders.   

verwegen contaminatie van bewegen en verroeren. 'Hij verwoog geen draad.' Ook in de uitdrukking: "Hij verwikte of verwoog niet."

verwend slechte eigenschap van iemand, een van de meest onsympathieke die de betrokkene kon hebben. Zie: ort. 

matrozenvloevloe sigarettevloei. "Moet u nog vloe?" Het vloe, dat een dubbeltje kostte, werd tussen de flap van het geplastificeerde pakje shag gestoken. Shag in de automaat werd ook altijd mèt vloe verkocht. Tinus prefereerde zelf Mascottevloe, maar ook wel Matrozenvloe of Rizla Rijstevloe. 

warsig negatief gedrag. "Doe toch niet altijd zo warsig." Wie het waagde Tinus tegen te spreken ('tegenbekken') was warsig.

Weerpad P.J. Troelstralaan. Tinus bleef nog lange tijd hardnekkig de oude benaming gebruiken van deze verbindingsweg tussen Zaandam en Oostzaan. Zie ook Provincialeweg

Westzaner diaken (uit het woordgebruik van Tinus’ moeder, Lize Kroonenberg) Je bord aflikken. Lize bakte soms een eitje voor mij. Voor mij zo'n traktatie dat ik mijn bord aflikte als het ei op was. “Je lijkt wel een Westzaner diaken”, zei mijn oma dan.  

winkelbel! uitroep dat er een klant in de winkel was die moest worden geholpen. Zie ook postkantoor!

zwak kwalificatie die een sterke teleurstelling uitdrukt. Als er weinig werd verkocht: "Zwak, jongen." Een teleurstellend cijfer op school: zwak - waarmee impliciet de inzet van de betrokkene in twijfel werd getrokken. Zie ook strop. 


Dit is een bewerkte versie van het boekje ‘Reppiaans Woordenboek’, dat ik ter gelegenheid van Nieuwjaar 1995 aan familieleden en vrienden toezond.

Aanvullingen en opmerkingen zijn welkom Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Geluidsfragment: mijn broer Jelte praat met Tinus 

 

 

Reppiaans in Taalpost Onze Taal


 

taalpostHet Reppiaans Woordenboek is nieuws geweest in de Taalpost van het Genootschap Onze Taal. Klik hier om deze te lezen.

 

 

 

Reacties (11)

Laad vorige reacties
  • Bux

    'k ad et in't snetsje = ik had het begrepen, ik had het vermoed ( spreek "e" uit als de doffe "e" in " bedaard.) Het is een uitdrukking die leeft in het Antwerps.

    Short URL:
  • Mimi van Waterschoot

    Mijn ouders kwamen uit Wormer/Wormerveer. Ze spraken Zaans met elkaar.
    Als iemand kwam logeren, spraken ze van: "Jan en Nel komen te warskip".
    Kent iemand dat woord en waar komt het vandaan?

    Short URL:
  • DirkJan

    Warskip is snel te googelen en betekent logé of logeren. (te) Warskip is West-Fries en is afgeleid van waardschap. In 2005 is het verkozen tot mooiste West-Friese woord.

    Warskip mooiste West-Friese woord 2005 - fok.nl

    Short URL:
  • Dick

    In de jaren 60 lagen bunkers in de duinen ten zuiden van Egmond aan Zee (waterleidingduinen). Nu is het een parkeerplaats. Beneden aan de duinen stond op een redelijk vlak stuk terrein een vrijstaande vierkante bunker. Dit was ingericht als vakantieverblijf van het personeel van Verkade (als jongetjes van 16 jaar dachten we aan de meisjes van Verkade). Deze bunker heette Te Warskip.

    Short URL:
  • Mimi van Waterschoot

    Bedankt voor de uitleg Dirkjan en Dick. Grappig, dat de bunker bij Egmond aan Zee Te Warskip heette. Het woord Warskip werd door mijn ouders zeer melodieus uitgesproken, nogal zangerig. Ook het woord 'borst' voor zielige persoon kennen ze hier in Brabant niet. Ik durf het bijna niet te vragen........maar komt dat woord van adelborst of......?

    Short URL:
  • DirkJan

    Borst voor een zielig persoon ken ik niet, maar wel een brave borst en dan betekent het een vriend, jongeman. Komt uit het Duits en heeft niets met het lichaamsdeel borst te maken. Is ook in adelborst terug te vinden. Veel meer uitleg en toelichting staat op de etymologiebank:

    Jadelborst - etymologiebank.nl

    Short URL:
  • Gast

    Knecht, nee verkopen, snotjongen, en warsig werden bij ons thuis ook regelmatig gebruikt. Ken je ook "skibes gaan" voor naar bed gaan?

    Short URL:
  • Mimi

    Als een kind was gevallen en huilde riep mijn moeder: "Ach, de arme borst!"
    De uitdrukkingen 'snotjongen en warsig zijn' hoorden we regelmatig in ons grote gezin. Snotjongen is niet typisch Zaans, maar warsig zijn wel, denk ik.

    Short URL:
  • Mimi

    Skibus gaan is mij niet bekend. Zoek ik op!

    Short URL:
  • Natasja

    Marco en ik missen prieken!!!

    Short URL:

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0 / 1000 Beperking van tekens
Je tekst moet minder dan 1000 tekens bevatten
Your comments are subject to administrator's moderation.

Copyright © 2015-2017 Martin Rep | Bussum | Contact